De relatie tussen de omgevingsvergunning en het projectbesluit onder de nieuwe Omgevingswet

Zowel de term ‘omgevingsvergunning’ als de term ‘projectbesluit’ zijn binnen de ruimtelijke ordeningswetgeving de laatste jaren de revue gepasseerd. Ook onder de nieuwe Omgevingswet komen deze begrippen terug. In dit artikel wordt ingegaan op de verwachte toekomstige relatie tussen deze beide instrumenten.

De revival van het projectbesluit

Als gevolg van de inwerkingtreding van de Wet op de ruimtelijke ordening (Wro) op 1 juni 2008 kwam de voorheen geldende vrijstellingsmogelijkheid van bestemmingsplannen (bekend als de artikel 19-procedure) te vervallen. De rol van de vrijstelling werd vervangen door het projectbesluit, waarmee van een bestemmingsplan ontheffing kon worden verleend ten behoeve van een project. Sinds de inwerkingtreding van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) is het projectbesluit op zijn beurt weer overgegaan in de mogelijkheid om via een omgevingsvergunning af te kunnen wijken van de bouw- en/of gebruiksmogelijkheden van een bestemmingsplan.

Met de naderende komst van de nieuwe Omgevingswet is alweer de volgende wijziging voorzien in de wijze waarop het mogelijk is om een project uit te voeren dat niet past binnen de vigerende beleidskaders. Zowel de omgevingsvergunning als het projectbesluit komen daarin terug, als zijnde twee van de zes kerninstrumenten van de Omgevingswet. De rol van de omgevingsvergunning, waarmee een initiatiefnemer via één aanvraag bij één loket toestemming kan verkrijgen voor het geheel van door hem gewenste activiteiten, verandert daarbij niet wezenlijk ten opzichte van de huidige situatie. Het projectbesluit, dat met de komst van de Wabo feitelijk niet meer als zodanig bestond, wordt onder de Omgevingswet herboren als een generieke regeling voor besluitvorming over projecten met een publiek belang volgens de ‘sneller en beter’-aanpak en is daarmee wel wezenlijk anders dan het projectbesluit uit de Wro.

Omgevingsvergunning: verdere integratie

Voor de toetsing vooraf van bepaalde activiteiten met gevolgen voor de leefomgeving wordt onder Omgevingswet net zoals onder de Wabo het instrument omgevingsvergunning ingezet.  Er is hier sprake van verdere integratie van toestemmingen: ook de voormalige vergunningen en ontheffingen uit de natuurbeschermingswetgeving gaan eronder vallen evenals de watervergunning, de ontgrondingsvergunning en de vergunning voor archeologische rijksmonumenten. Een verdergaande procedurele integratie stimuleert de samenwerking tussen verschillende bestuursorganen. Wel blijven de specifieke toetsingskaders voor diverse (deel)activiteiten bestaan.

Relatie omgevingsvergunning – projectbesluit

Voor projecten in de fysieke leefomgeving met een publiek belang die voortvloeien uit de verantwoordelijkheid van bovengemeentelijke overheden (Rijk, provincie en waterschap) moet het projectbesluit worden ingezet. Het projectbesluit vervangt onder meer het inpassingsplan uit de Wet ruimtelijke ordening (en daarnaast nog een aantal andere wetten). Het  voorziet in een toestemming om af te wijken van het gemeentelijk omgevingsplan, als het project daarmee in strijd is. De gemeente moet vervolgens nog wel haar omgevingsplan wijzigen. Rijk en provincie kunnen er echter ook voor kiezen om met het projectbesluit gelijktijdig het gemeentelijk omgevingsplan te wijzigen wat een belangrijke tijdwinst oplevert en een procedure minder betekent.[1].

De omgevingsvergunning en het projectbesluit onderhouden daarbij geen los van elkaar staande relatie, maar zijn nauw met elkaar verweven. Het projectbesluit kan immers de plaats innemen van de omgevingsvergunning voor de activiteiten die onderdeel uitmaken van het project en van andere toestemmingen die nodig zijn. Voor de toetsing van de activiteiten die deel uitmaken van het projectbesluit zijn daarmee de toetsingskaders van de omgevingsvergunning van toepassing. Hoe werkt dat?

Nader verklaard

Nader verklaard gaat dit als volgt in zijn werk: gedeputeerde staten en de betreffende minister hebben de bevoegdheid om voor de realisatie, het in werking hebben en de instandhouding van een project een projectbesluit te nemen, waarmee het gemeentelijke omgevingsplan kan worden gewijzigd. Er kan echter evengoed worden bepaald dat de gemeenteraad dit moet doen. Het projectbesluit geldt tot de betreffende wijziging van het omgevingsplan als een omgevingsvergunning voor een locatieontwikkelingsactiviteit. Daarnaast geldt een projectbesluit als omgevingsvergunning voor de activiteiten ter uitvoering van het projectbesluit, voor zover dit in het projectbesluit is bepaald. Een projectbesluit heeft daarmee een ruimere reikwijdte dan de bevoegdheid van artikel 3.1 en artikel 3.2 Besluit omgevingsrecht (op grond waarvan  respectievelijk GS en de minister in bepaalde gevallen bevoegd zijn te beslissen op de aanvraag voor een omgevingsvergunning) en zou ook als vervanger voor het gebruik van deze  bevoegdheden kunnen dienen. De bepalingen over onder meer de beoordeling van de aanvraag en over de inhoud en werking van de omgevingsvergunning zijn van overeenkomstige toepassing en tegenover ‘provinciaal- of rijksbelang’ staat nu ingevolge artikel 2.3 het gemeenteoverstijgend of regio-overstijgend belang en/of het belang van een doelmatige en doeltreffende overheidszorg. De procedure van het projectbesluit is een geheel andere, waarbij brede verkenning en vroegtijdige participatie sleutelwoorden zijn[2]. Dit laatste staat bekend als de ‘sneller en beter’-aanpak (zogenoemde ‘Elverding-methode’).

Dus

Uit het voorgaande blijkt dat zowel voor de omgevingsvergunning als voor het projectbesluit een prominente rol is weggelegd in de toekomstige Omgevingswet. De instrumenten kunnen afzonderlijk van elkaar worden ingezet, maar ook samen tot één activiteit behoren en zelfs in elkaar opgaan. Een complexe relatie kortom, waarbij nog zal gaan blijken hoe deze zich in de praktijk gaat uiten. De nodige tijdwinst is te behalen als met het projectbesluit tegelijk het omgevingsplan wordt gewijzigd.

Meer weten?

Bent u geïnteresseerd geraakt in de rol van de omgevingsvergunning en het projectbesluit onder de nieuwe Omgevingswet en wilt u hierover meer weten? Maak vrijblijvend een afspraak via info@tonnaer.nl of bel ons direct via 040 – 253 1336.  Wij helpen u graag verder!

[1]  Memorie van toelichting ontwerp Omgevingswet (Versie 0.60 – 28 februari 2013 (consultatieversie))

[2] mr. S. Hillegers, mr. T.E.P.A. Lam, prof. mr. A.G.A. Nijmeijer, TBR 2013/93 – De omgevingsvergunning in de Omgevingswet Kennismaking met een vertrouwd instrument in een nieuwe context